
Live en standby, naast elkaar
Het tabblad Redundantie toont de live server en zijn failover-node met status, latentie, CPU en geheugen. De synchronisatiestatus van database en configuratie wordt per server getoond, en gebruikerssessies worden gespiegeld zodat clients aangemeld blijven. Een geforceerde overname start u vanuit hetzelfde tabblad.
Het tabblad Redundantie toont een beheerserver en een failover-node die via een heartbeat worden bewaakt. Status, latentie, CPU en geheugen komen van controles op de API van elke server, en ook de status van de videopipeline wordt gecontroleerd. Een replicatieagent op de failover-node haalt periodiek een volledige export van database en configuratie op van de live server. Alleen bestanden waarvan de checksum is veranderd, gaan over het netwerk. Gebruikers en sessies worden gespiegeld naar de eigen database van de standby-server, zodat bestaande aanmeldtokens daar geldig blijven en clients na een overname aangemeld blijven.




